Papegaaienwelzijn

“Papegaaien uitdagen met verrijking”


Dr. Yvonne van Zeeland, dierenarts-specialist Vogelgeneeskunde en Kleine Zoogdiergeneeskunde en gedragsdeskundige voor papegaaien

Dr. Nico Schoemaker dierenarts-specialist Vogelgeneeskunde en Kleine Zoogdiergeneeskunde

Dr. Claudia Vinke, gedragsbioloog

Drs. Mandy Beekmans gedragsbioloog en promovenda


Voedselverrijking – hét beste medicijn tegen verenplukken?


Verenplukken is een probleem dat in de praktijk regelmatig gezien wordt bij gehouden papegaaien. Een belangrijke oorzaak is gelegen in de leefomgeving die niet altijd optimaal afgestemd is op de behoeften van de papegaai, waardoor het welzijn in de knel kan komen.

Uit eerder onderzoek is gebleken dat het voor papegaaien belangrijk is om uitgedaagd te worden en te mogen werken voor het verkrijgen van zijn voer. Omdat de huidig beschikbare voerpuzzels dat nog gedrag nog onvoldoende stimuleren, is een nieuwe voedselverrijking ontwikkeld die dat wél zou moeten doen.

Dr. Yvonne van Zeeland legt uit: “In eerste instantie is het functioneren getest met een klein groepje vogels, en daarna op grotere schaal, waarbij papegaaien minimaal 3-4 uur bezig zijn met het vergaren van hun dagelijkse portie voer. Dit is een aanzienlijke verbetering ten opzichte van de huidige puzzels die vaak slechts tot de helft van deze tijd komen, en komt meer overeen met tijden die door papegaaien in het wild besteed wordt aan voedselzoekgedrag.” 

De vraag rijst echter of de papegaaien het ook echt leuk vinden om gedurende deze tijd met de verrijking aan de slag te zijn, en hoe het gebruik van de nieuwe verrijking uitpakt bij gezonde en verenplukkende individuen, zowel op gedragsmatig niveau als op de stresshormoonhuishouding. Dat is waar het overkoepelende onderzoeksproject antwoord op wil krijgen, zodat uiteindelijk beter inzicht bestaat in het aanbieden van voerverrijking aan gehouden papegaaien en betere adviezen gegeven kunnen worden over het inrichten van de leefomgeving en voorkomen van problemen zoals verenplukken. 

Het onderzoeksteam onder leiding van dr. Yvonne van Zeeland heeft in voorgaande jaren een aantal onderzoeken opgestart. “Wij willen vaststellen of en in welke mate papegaaien vrijwillig gebruik maken van de nieuwe voedselverrijking, en of en hoe gemotiveerd ze zijn om de verrijking te gaan gebruiken als ze daar extra moeite voor moeten doen. Eerste verkennende pilotstudies lieten al zien dat papegaaien duidelijk een voorkeur hebben om te ‘werken voor de kost’ in plaats van het nuttigen van hetzelfde voer dat via een voerbakje verkrijgbaar was.” Daarnaast leken papegaaien uitdagingen niet uit de weg te gaan, maar maakten de vogels ook graag gebruik van de meer complexe, uitdagende verrijking die meerdere fasen van het voedselzoekgedrag nabootst.

Om deze resultaten te bekrachtigen is vervolgens gestart met het uitvoeren van deze testen met grotere aantallen vogels. In het huidige jaar zijn deze testen met de gewenste aantallen uitgevoerd. Daaruit kwam naar voren dat alle papegaaien een sterke voorkeur hadden voor het gebruik van de voerverrijking boven het voerbakje in het geval dat voerverrijking werd aangeboden die de papegaai moest kapot knagen en manipuleren om het voer te bemachtigen (zogenoemde consumptieve fase).

Ruim 2/3 van de foerageertijd werd besteed aan de foerageerverrijking ten opzichte van het voerbakje, en maar liefst 75% van de dagelijkse voedselopname werd hieruit gehaald. Ook bij het aanbieden van de verrijking die meerdere fasen van het voedselzoekgedrag stimuleert bleek een voorkeur voor de verrijking boven het voerbakje, hoewel ze verhoudingsgewijs wel minder voer hieruit opnamen (circa 50% van de dagopname). Een heel ander beeld was aanwezig voor de voerverrijking die zich alleen richtte op de zoek- of appetitieve fase: hoewel de verrijking wel gebruikt werd, gaven de meeste vogels in dit geval de voorkeur aan het gebruik van het voerbakje boven de verrijking, die slechts verantwoordelijk was voor 10% van de foerageertijd en voeropname.

Ditzelfde patroon kwam naar voren bij een motivatietest die dit jaar werd afgerond, waarbij papegaaien moeite moesten doen in de vorm van het openduwen van een verzwaarde deur om bij de verrijking te komen (terwijl hetzelfde voedsel vrij beschikbaar was in de kooi waarin ze zich bevonden). Ook hier kwam de verrijking die de consumptieve fase stimuleert als duidelijke winnaar naar voren, en bleken bijna alle vogels tot het uiterste van hun kunnen te gaan om toegang te krijgen tot de verrijking. Ook voor de verrijking die meerdere fasen stimuleert wilden de meeste vogels (op 1 na) graag moeite doen, hoewel hierbij wat meer variatie aanwezig was tussen vogels. Voor de verrijking die de appetitieve fase stimuleert bleek de motivatie het laagst: op een enkeling na, deden de meeste vogels geen tot nauwelijks moeite om bij deze verrijking te komen.    

Bovenstaande resultaten laten zien dat papegaaien een uitdaging niet uit de weg gaan, en dat ze graag gebruik maken van foerageerverrijking: ze maken immers vrijwillig de keuze om gebruik te maken van de verrijking en zijn zelfs bereid er extra moeite en energie in te steken. Er blijkt daarbij een sterke voorkeur voor voerverrijking die gericht is op het kapot knagen en manipuleren van voorwerpen om voer te bemachtigen, wat belangrijke aanknopingspunten biedt om het welzijn van gehouden vogels te kunnen verbeteren. Uit het onderzoek bleek de appetitieve component duidelijk lager te scoren en minder interesse te wekken van de papegaaien. Dit zou verklaard kunnen worden doordat de activiteit die nagebootst wordt minder aansluit bij het natuurlijke gedrag en/of een activiteit is die snel routine wordt en daardoor verveeld.

Verder onderzoek is daarom ingezet om het foerageerproces nader onder de loep te nemen, waarbij het gedrag in verschillende activiteiten is opgedeeld. Aan de hand van deze activiteiten (reizen en bewegen, localiseren, selecteren, verkrijgen en verzamelen, openen en manipuleren, extraheren, verwerken) zijn meerdere, specifieke verrijkingen geselecteerd of ontwikkeld die deze activiteit gericht stimuleren. In een verkennende studie is aansluitend per fase gekeken of en welke verrijkingen gebruikt werden.

De eerste resultaten daarbij laten zien dat de papegaaien voor elke activiteit wel in zekere mate gebruik maken van de verrijkingen, maar dat de mate waarin gebruik gemaakt wordt van de verrijkingen verhoudingsgewijs laag ligt voor de onderdelen reizen/bewegen en zoeken/localiseren. De verrijkingen gericht op de activiteiten selecteren en manipuleren scoren tot op heden het hoogst. Hoewel verdere data verzameld moeten worden om betere duiding te kunnen geven aan de gevonden patronen, en eventuele verschillen tussen individuen, geven deze resultaten een nieuw aanknopingspunt voor ontwikkeling en adviezen omtrent foerageerverrijking voor papegaaien.

Verder is vanuit een samenwerkingsverband met de Universiteit van Guelph (Canada) en Bristol (Engeland) een onderzoek uitgevoerd waarbij gekeken is naar biologische factoren die de vatbaarheid voor bepaalde welzijnsproblemen (verenplukken, stereotypisch gedrag en slechte voortplanting) kunnen bepalen. Van Zeeland: “Uit dit onderzoek is gebleken dat soorten die in het wild veel manipulaties moeten verrichten om hun voer te bemachtigen, ook meer gevoelig zijn voor verenplukken. Deze resultaten zijn daarmee volledig in lijn met de resultaten die wij in de praktijk zien. Aan de hand van de onderzoeksresultaten kunnen we stellen dat het aanbieden van foerageerverrijking belangrijk is, voor zowel gezonde als verenplukkende papegaaien. Ze krijgen daarmee een bezigheidstherapie en daarnaast zijn er veel vogels die er ook graag mee aan de slag gaan, zodat ze beter in hun vel (en veren) zitten.”

Aan de hand van deze en toekomstige resultaten kunnen gerichte en praktische adviezen gegeven worden aan dierenartsen, dierenspeciaalzaken en houders van papegaaien over de wijze waarop ze foerageerverrijking kunnen aanbieden zodat het welzijn van de papegaai zo goed mogelijk geborgd wordt.

Dankzij de steun van Avonturia de Vogelkelder, Stichting Maria Naundorf van Gorkum, Stichting Abri voor Dieren, Stichting Animales, Team Birdsymposium, Tiny Parrot Vintage Boutique en talloze papegaaienliefhebbers werken we samen om alle papegaaien weer lekker in hun veren te laten zitten.