Levershunts

“Zijn lever
mag hem
niet het leven kosten”


Dr. Frank van Steenbeek, onderzoeker ExpertiseCentrum Genetica Diergeneeskunde


Ons doel is een

toekomst zonder levershunts



Honden die worden geboren met de aandoening levershunts hebben last van een extra bloedvat die het bloed om de lever heen leidt, ook wel een ‘shunt’ genoemd. Het bloed wordt daardoor niet gereinigd en gifstoffen belanden direct in het lichaam – met als gevolg een ernstig zieke hond! De onderzoekers van de faculteit Diergeneeskunde willen zorgen dat levershunts nooit meer voorkomen.

Een portosystemische shunt is een bloedvat dat de poortader verbindt met de achterste holle ader die naar het hart loopt. Zo’n shunt is normaal niet aanwezig, het is dus een extra aangelegd bloedvat. Zo’n bloedvat kan in (intrahepatisch) of om (extrahepatisch) de lever heen liggen. Intrahepatische shunts worden meestal meer gezien bij grotere rassen zoals de Ierse wolfshond, Berner Sennen honden en Hovawarts. Bij kleinere rassen, bij voorbeeld de Cairn terriers vinden wij vaak extrahepatische shunts.

Dr. Frank van Steenbeek, onderzoeker bij het ExpertiseCentrum Genetica Diergeneeskunde legt uit hoe deze shunt ontstaat. “Bij de intrahepatische shunt gaat het om een embryonaal bloedvat wat ten tijde van de ontwikkeling van de foetus een belangrijke functie heeft. Dit bloedvat zorgt ervoor dat het zuurstof- en voedingsstofrijke bloed direct wordt getransporteerd naar vitale organen als de hersenen en het hart. Na de geboorte hoort dit bloedvat binnen enkele dagen te sluiten. Wanneer dit niet het geval is spreekt men van een intrahepatische shunt. In het geval van een extrahepatische shunt wordt er een extra bloedvat aangelegd tijdens de ontwikkeling. Het gevolg van een shunt is dat het poortaderbloed grotendeels door de shunt stroomt buiten de zuiverende functie van de lever om naar de achterste holle ader. Daarmee komen ook de giftige stoffen vanuit de darmen direct in het lichaam terecht.

Bovendien werkt de lever niet goed omdat er veel minder bloed dan normaal in de lever aankomt. Onder deze giftige stoffen is ammoniak een van de grote boosdoeners dat zich opstapelt in de hersenen. Op den duur veroorzaakt dit zeer ernstige neurologische verschijnselen. Over het ontstaan van de portosystemische shunt is nog weinig bekend.

De genetische studie loopt al een langere periode en de afgelopen jaren zijn er grote stappen gezet dankzij de bijdragen van partners en donateurs”, licht Van Steenbeek enthousiast toe. “In de afgelopen jaren hebben we veel vooruitgang kunnen boeken in de zoektocht naar de genetische achtergrond van extrahepatische shunts. Met behulp van onderzoek in Cairn terriers hebben we een verband kunnen vinden tussen het ziektebeeld van shunts en twee genen. Dit verband hebben wij vervolgens ook in andere rassen kunnen vinden, zoals de Yorkshire terriers, West Highland White terrier, Jack Russell terrier, Dwergschnauzers en Shih Tzu te vergelijken. Dit onderzoek willen wij nog verder uitbreiden en bevestigen.

Door Cairn terriers mét en zonder shunt te onderzoeken zijn er met DNA-merkers een aantal chromosomen gevonden die mogelijk het verschil tussen de zieke patiënten en de gezonde honden verklaren. Deze gebieden hebben wij verder onderzocht door gebruik te maken van andere hondenrassen.

Hiermee zijn gebieden afgevallen en andere gebieden nog interessanter geworden. Ook hebben we bloedvatcellen kunnen isoleren en deze in kweek gebracht in het laboratorium. Hiermee zijn we in staat gedrag van de bloedvatcellen te bestuderen. Als we deze zelfde genen remmen in gekweekte bloedvatcellen in de hond, zien we dat ook hierbij de beschadigde genen zorgen voor verminderde ontwikkeling en bloedvatvorming. Omdat we in het coderende DNA van de genen in honden geen veranderingen hebben gevonden, zijn we overtuigd dat de causale varianten in het niet-coderende DNA moeten liggen. Dit DNA wordt verondersteld verantwoordelijk te zijn voor de aansturing van de genen. Omdat we niet exact weten welke stukken deze sturende werking hebben proberen we dit vast te stellen in cellen.

Het onderzoek naar levershunts is een langlopend proces door de complexiteit van het vraagstuk. Van Steenbeek is er desondanks van overtuigd dat we steeds dichterbij een oplossing komen voor levershunts in honden. “Wanneer we functionele waarde kunnen hechten aan de veranderingen die we gevonden hebben, kunnen we een DNA test gaan ontwikkelen die in staat is dragers aan te wijzen. Met deze diagnostiek hopen we het aantal zieke honden terug te brengen. Het doel zodat er in de toekomst alleen nog maar pups zonder levershunts geboren worden.

Het onderzoek naar levershunts in honden wordt al jaren trouw ondersteund door verschillende rasverenigingen en donateurs. Dankzij de genereuze bijdragen komen we steeds dichterbij een oplossing. Samen willen we ervoor zorgen dat er geen honden met deze aandoening meer geboren hoeven te worden.